Waar komen we vandaan?

Waar komen we vandaan? - Marianne van Duuren

‘Wie weet krijgt u over een aantal jaren op uw eerste werkdag in uw nieuwe organisatie naast het toegangspasje met code, de plattegrond, het organogram en de l.v.a.(lijst van afkortingen), ook een systemische quick reference card. Daarop kunt u in één oogopslag zien wat de belangrijkste dynamieken zijn in het bedrijf’  schrijft Jan Jacob Stam in zijn boek Het verbindende Veld.
Deze ‘card’ geeft u informatie over de geschiedenis, de patronen en de systemen die zich in het verleden binnen de organisatie ontwikkeld hebben . Deze zijn van belang om te kennen, want zij bepalen de cultuur in het bedrijf, de omgangs-vormen, de besluitvorming en de toekomstbeelden. Zij geven verklaring voor zich herhalende problemen en successen!
Hieronder vindt u een gecombineerde methodiek van lining-up en organisatie-opstellingen beschreven. Deze methode hebben wij  ontwikkeld als voorbereiding van een strategische visie en beleidsontwikkeling.

Doel methode

Met deze methodiek verhelderen we de geschiedenis van het bedrijf voor alle deelnemers. Ook proberen we herhalingen en patronen te ontdekken. Verder verduidelijken we hiermee de uitgangspunten van de deelnemers.
Deze methode gebruiken we doorgaans als startactiviteit van een workshop.
Als facilitator vragen we de aanwezigen zich in één rij op te stellen, op volgorde van anciënniteit. Wie kwam het laatst in dienst? En wie was de eerste? Deze rij lijkt op de kennismakingsmethode die als lining-up bekend staat.
Wie er links of rechts gaat staan, laten we aan de groep zelf over. Voor organisatie-opstellingen kan het wel degelijk van belang zijn aan welke kant de rij begint; de oudste of degene met het langste dienstverband. Wanneer we links van iemand gaan staan kan dat betekenen dat wij die ander ondersteunen en, maar dat vindt zijn oorsprong in de etiquette, hem respect tonen.

Organisatiegeschiedenis

Wanneer de deelnemers zich, na enig heen en weer gepraat en gelach, in een rij hebben opgesteld realiseren zij zich direct dat zij hier de geschiedenis van de organisatie hebben neergezet. ‘Ben jij er al zo lang! Wie zijn hier de ouwetjes en waar staan de jonkies?, He, ook nog maar een jaar in dienst, ik dacht dat jij er al veel langer was?’ De facilitator heeft een lang vel papier opgehangen waarop een tijdsbalk is getekend. Hierop worden tijdens het hiernavolgende gesprek aantekeningen gemaakt.

We stellen de deelnemers verschillende vragen, afhankelijk van het doel van de workshop. Vragen als: Wanneer kwam je in dienst? Wat was op dat moment heel belangrijk? Door welke visie werd je geleid? Welke mogelijke omwentelingen, in of extern vonden plaats? Hoe werden besluiten genomen? De deelnemers krijgen ruim de tijd hun verhaal te doen. Ieders verhaal wordt in kernwoorden en tekeningen op de tijdbalk ingevuld.

Onze ervaring

Deze methodiek is van grote waarde gebleken. Ten eerste is het een manier om de geschiedenis van de organisatie zichtbaar te maken, begrip te kweken voor eerder genomen besluiten én de grondleggers te eren. Daarnaast vertellen de deelnemers het verhaal van de organisatie gezamenlijk. En dat heeft een bindende werking.
En tot slot: als facilitators leren wij niet alleen de organisatie vanuit de verschillende perspectieven kennen. Maar het is  eveneens belangrijk voor de visie-ontwikkeling te weten welke onderliggende patronen en systemen er een rol spelen.